Ga naar inhoud
Nova VitaNova Vita
  • Home
  • De Historie
    • Kromhout Motoren
    • Bouw van het schip
    • Inbouw van de motor
    • De Terwaterlating
    • De eerste tocht
    • Hefbare stuurhut
  • Nieuws & Fotoverslagen

Het Markermeer is dicht gevroren.

Een van de nog overgebleven stadspoorten uit 1578 te Hoorn. In 1601 is er een woning op gebouwd.

Het heeft goed gevroren. Op de "Put" in Scharwoude kan geschaatst worden.

Het park bij Scharwoude in de winter.

Januari 2013 - De avond valt boven Hoorn een nieuw vaar seizoen is dan voor ons weer begonnen.

De eerste sneeuw is gevallen en mede daar door komt ook de eerste sneeuwpop tot leven.

Het monument van Scharwoude, een 75/85 pk Tuxham tweetakt diesel uit 1945, deze motor stond in de Deense kotter "Søren Flyvholm" (L 84). Dit schip heeft vele jaren als charterschip gevaren van uit Enkhuizen.

Deze vuurtoren staat bij ons in de tuin en heet Blikken Ketel vernoemd naar de bel in de kerk die men luide tijdens mist om de vissers van Scharwoude de weg naar de haven van Scharwoude te wijzen. De klank van de bel, klonk als een blikken ketel dit volgen de oud Scharwouders.

e winter is voorbij, het ijs op het Markermeer komt in beweging en als dit een dijk tegen komt gaat het er gewoon over heen.

Visserschip HN 2 van de Gebr Last heeft zijn vuiken klaar voor het nieuwe seizoen.

27 maart - Wij zouden het paas weekend gaan varen naar onze zomer ligplaats in Sneek. Maar zie hier in het Markermeer ligt weer vol met grondijs, dus het varen maar weer een week uitgesteld.

Zo ziet het er aan de dijk bij Scharwoude uit, allemaal ijs.

Deze molen had het water uit het buitendijkse land moeten wegmalen, maar door de harde Oosten wind stond het water heel hoog en liep het land onder en werd een ijsbaan.

Het is zondag 6 april we vertekken van winter stek via een grote omweg naar onze zomer stek. Na olie gebunkerd te hebben bij Atalante gaan wij richting Muiden, over een bladstil Markermeer.

Voor Volendam kruisen wij een zeil wedstrijd met platbodems, de "Pieperrace" genaamd, hier de "Korevaer" onder vol tuig een mooi plaatje.

Hier de vuurtoren van Marken, ook wel genoemd "Het Paard van Marken" of "Markerbeer". In de toren staat ook een oude Brons Bakjesknapper aan een compressor voor de lucht van misthoorn, de misthoorn wordt niet meer gebruikt.

Op weg naar de sluis in Muiden passeren we hier het wrak van eens het grootste houten zeilschip van de binnenwateren, de "Elizabeth Smit". Dit schip is een Engelse mijnenveger geweest die door Harry Smit omgebouwd is tot zeilschip voor dagtochten. Op de achtergrond is het kasteel Muiderslot zichtbaar.

Deze theekoepels, tuinkoepel of koepel genoemde huisjes vind je in vele uitvoeringen langs de Vecht. Vanaf de 17 eeuw werden deze koepel door de welgestelden gebouwd, bij hun ook grote vila's.

8 april - Aangekomen in Maarssen ook wel Maarssen-dorp genoemd, de hele kade was leeg, en het is mooi droog weer.

9 april - Aankomst in Utrecht, hier varen wij de Weerdsluis in, en met op de achtergrond de Domtoren. De naam Utrecht is afkomstig van het Latijnse Traiectum en duidt op een plaats waar in de Romeinse tijd de rivier de Rijn doorwaadbaar of over te steken was. De 'U' komt van het Oudnederlandse woord uut, dat 'benedenstrooms' betekent - Utrecht moet dus begrepen worden als 'uit-Trecht' Vanwege de Domtoren, beeldmerk van de stad waarvan de toren met 112,32 meter de hoogste kerktoren van Nederland is, wordt de stad ook wel Domstad genoemd.

De stuurhut toch maar wat laten zakken, met al die vele boog bruggen over de Oude gracht.

Er is voldoende ruimte onder de bruggen met de hut een stukje naar beneden. de bruggen worden tevens als fietsenstalling gebruikt.

11 april - aan gekomen in de Lingehaven van Gorinchem, morgen schutten in de sluis midden op de foto, de sluis is 4,50 breedt wij zijn 4,40 dus het past net. Men neemt aan dat Gorinchem is ontstaan doordat vissers en boeren rond het jaar 1000 een nederzetting stichtten op wat hoger gelegen land nabij een monding van de Linge in de Merwede. Gorinchem ("Gorinks Heem", dwz. de woonplaats van de Goringa, de mensen van Goro wordt het eerst genoemd in een document uit 1224 waarin Floris IV de Gorcumers de tolvrijdom in het gehele graafschap Holland bevestigt.

12 april - Zie je wel het past! We liggen in de Lingesluis van Gorinchem en gaan de Waal op naar Woudrichem, hij is smal maar het ging net.

Na het schutten in deze sluis moest er gelijk geschilderd worden er konden geen venders meer tussen, maar het had ook wel wat.

Aangekomen in Woudrichem, hier de invaart van de historische haven en volgens de havenmeester was het geen museumhaven daar zat volgens hem verschil in.Tevens is dit de passantenhaven. Er lagen 4 voormalige charterschepen die in het verleden Hoorn regelmatig aandeden. zo krijgt de chartervloot een andere besteming. Naar het slot Loevenstijn ging niet, dit was nog niet open. Woudrichem is ontstaan in de negende eeuw. Op een oeverwal, waar zich nu de Hoogstraat en de Molenstraat bevinden, ontstond een marktplaats. Rond het jaar 1000 verschenen, merendeels ten noorden van de Alm, een aantal nederzettingen die op Woudrichem waren gericht. De Maas stroomde aanvankelijk niet langs Woudrichem. De hoofdstroom van deze rivier stroomde eerst ongeveer door de bedding van de huidige Bergsche Maas, later was de Alm de hoofdstroom, en nog later de huidige Afgedamde Maas, tot in 1904 de Bergsche Maas werd gegraven.

Op 17 april passeren we Wijk bij Duurstede, zijn op weg naar Wageningen. Wijk heeft nu mooie ligplaatsen gekregen.

Stuw van Amerongen is hier gesloten. In de Nederrijn zijn drie van deze stuwen, door het water tegen te houden blijft de rivier bevaarbaar, bij veel water van boven worden de stuwen getrokken. Het Stuwcomplex Amerongen is een waterstaatkundig kunstwerk in Nederland. Het is gebouwd in de Nederrijn nabij Amerongen. Dit Stuwcomplex Amerongen maakt deel uit van het Stuwen ensemble Hagestein / Amerongen / Driel. Het ontwerpen van dit ensemble werd gestart in 1958 in het kader van verbetering waterhuishouding Noord Nederland en bevaarbaarheid Nederrijn. Elke stuw is hier voorzien van een zogenaamde vizierschuif, een halfronde klep met een gewicht van ongeveer 200 ton. Deze schuif wordt met behulp van kabels geheven. Alleen in Hagestein werd de stuw met een hydro-elektrische centrale uitgevoerd. Deze centrale levert voldoende energie voor de 3 stuwcomplexen samen.

Sluis Amerongen, doordat de stuw dicht was er moest geschut worden.

Hadden geluk, de stuw van Driel was geheven dan kan je er gewoon onderdoor, het stroomde wel lekker onder de stuw.

Van deze steen fabrieken zag je er in het verleden veel van langs de rivier, de laatste jaren zijn er veel verdwenen. Belangrijk voor steenfabrieken was de beschikbaarheid van klei en brandstof, zodat veel steenfabrieken zich vestigden in kleigebieden of aan de rand daarvan. Langs de grote rivieren is rivierklei aanwezig, en de gebakken stenen werden vroeger per schip naar de afnemers vervoerd, daarom zijn juist daar veel steenfabrieken te vinden. Van de fabrieken staan de meeste aan of nabij de rivieren Maas (ruim 25%) en Waal (ruim 20%).

Deze arken staan met een normale rivierstand op blokken, met hoog water gaan ze drijven. Er is wel wat ongemak als de ark net gaat drijven, zeker als er een schip langskomt, dan stuiterd hij op de vundering.

Deze ponten zijn verankerd aan een ankerschuit, de kabel loopt over de Kraakmasten van gierschuiten en houd daarmee het schip op zijn plek. Vroeger werd door middel van zwaarden in en de stroom te steken het schip naar de overkant gegierd.

Een verstekeling aan boord, weten niet wat voor vogel dit is.

Aan gekomen in Zutphen, in de jachthaven "Gelre" net boven de kade in de oude stad. Met op de actergrond de 76 m hoge St Walburgiskerk uit 1105. Zutphen kreeg eind 12e stadsrechten. De Nederlandse stad Zutphen ontstond in de Romeinse tijd als Germaanse nederzetting op een rivierduinencomplex. De plaats is al meer dan 1700 jaar continu bewoond en is een van de oudste steden van Nederland. De naam Zutphen is ontstaan uit Zuid venne, een rivierduinencomplex tussen drassige weidegrond.

Hier is nog een klein deel van de oude stadsmuur te zien, met de St Walburgiskerk.

De Berkelpoort is een van de nog overgebleven waterpoorten, deze poort staat in het riviertje de Berkel.

21 april - Aangekomen in Hattem, vanaf de haven kom je door de dijkpoort in de stad, deze poort stamt uit de 14e eeuw. Hattem ligt op het uiterste noordelijke puntje van de Veluwe. De oudste vermelding van Hattem dateert uit de negende eeuw. In 1176 werd Hattem een zelfstandig kerspel. Ongeveer in diezelfde tijd is men op een kleine natuurlijke hoogte aan de bouw van de Grote Kerk aan de Markt begonnen. In 1299 kreeg Hattem van graaf Reinald I stadsrechten en sindsdien konden de burgers zelf onderling recht spreken en een beschermende stadsmuur met poorten en torens bouwen.

Dit is het gemeentehuis van Hattem en stamt uit de 16e eeuw, met daarvoor een stadspomp.

Het lijkt wel vlaggetjesdag, met op de achtergrond de Andreaskerk, uit 1176 en verhoogd in 1504.

De tweede stadspomp uit 1733.

De Arembergersluis, geeft verbinding met het Noordwest Overijssels merengebied, alleen voor de wat kleinere boten kunnen hier langs. Wij moeten door de Beukersluis aan het Meppelerdiep.

Op weg naar Ossenzijl vaar je door de het natuurgebied de Weerribben, hier komt veel riet vandaan voor dakbedekking en rietmatten.

Op 23 april komen wij in Ossenzijl aan, hier gaat de brug over de voormalige keersluis voor ons open.

De verhuurschepen liggen nog tegen de wal het seizoen moet nog beginnen.

25 april - We liggen aan een eiland op het Tjeukemeer met zand voor de honden, die zagen er niet uit als ze aan boord kwamen.

17 juni - We zijn weer aanboord en gaan deze week wat schilderwerk doen. Het zal achteraf maar een kort weekje worden, werd donderdag gebeld om weer in te vallen aan de haven voor dit weekend.

Het is mooi weer dus de verfkwast maar weer terhand genomen en aan het schideren, het is nu nog mooi weer.

Hier gaan ongeveer70 containers door het Friese Land richting Heerenveen. Het is voor deze schepen van 110 m wel een krikkemik om in te varen.

Ook de honden hadden last van het mooie weer, dus maar in het water.

Wat Jasper kan, dat kan ik ook denkt Tosca, dus ook deze in het water, maar hoe krijg je ze weer droog?

1 juli - We zijn voor het eerst dit jaar weer eens in Leeuwarden, liggen hier aan de Prinsentuin.

Een tipi als plaskruis, hoe creatief ben je.

De NS heeft het goed voor met de watersporters.

Op 3 juli voeren we door Wartena. Wartena, dat ongeveer 1000 inwoners telt, maakte tot de gemeentelijke herindeling in 1984 deel uit van de toenmalige gemeente Idaarderadeel, waarvan Grouw de hoofdplaats was. Sinds 1989 is de officiële naam het Friestalige Warten. Het dorp ligt in het noordoosten van Boornsterhem aan het Prinses Margrietkanaal nabij een drukke viersprong van water (Fries: de Krúswetters). In het dorp was vanaf 1907 de scheepswerf Bijlsma hier gevestigd waar onder andere skûtsjes, sleepboten en coasters werden gebouwd. In 2003 ging de werf failliet

Doorvaart in Wartena, dit dorpje ligt in de staande mast route.

17 juli - Zijn weer naar de boot gegaan. Liggen hier aan een eiland op het Sneekermeer. wij lagen daar net toen ging de boer balenpersen en dat gaf veel stof.

Jasper vond zichzelf veelste wit, en is maar in de stoel gaan liggen om even bij te kleuren.

Hoe Fries kan je wezen, dit is vast wel een echte Fries.

Zo ging op woensdag 24 juli de zon bij ons onder, na een warme dag.

En zo verdween hij, en de volgende morgen was hij weer van de partij.

Het was wel erg warm deze dag, we hebben de voorramen geklapt zo kwam er nog wat wind binnen.

Het is dinsdag 20 augustus wij gaan weer varen. Hier hebben wij Elly en Peter ontmoet op het Sneekermeer.

22 augustus - Peter en Elly gaan opweg naar het IJsselmeer, ze gaan eerst nog even naar Heeg. Wij zullen ze weer in Hoorn ontmoeten.

Varen langs de D.E. fabriek naar de haven van Joure. De naam van Joure is verder onlosmakelijk verbonden met die van Douwe Egberts. In 1753 begon de vader van Douwe Egberts, Egbert Douwes, aan de Midstraat in Joure een zaak in koloniale handelswaren, die is uitgegroeid tot de bekende koffiebrander.

22 augustus - Aangekomen in Joure en een mooie ligplaats gevonden, het havengeld was een mats prijs (€ 10,00).

Het begin van het winkelcentrum. Joure is ontstaan boven op een zandrug op een kruising van waterwegen naast het voormalige dorp Westermeer. De plaats is van oudsher geen stad, maar tevens te groot om een dorp te worden genoemd. Naar Oud-Friese traditie wordt zo'n plaats een vlecke genoemd. Over de oorsprong van de naam Joure, of De Jouwer zijn verschillende theorieën. Veelal wordt gedacht dat het van het Friese woord Hjouwer komt, dat haven betekent.

Op deze werf worden hoofdzakelijk houten vletten en sloepen gebouwd. Tevens zien wij ook de Schouw HN1 van Blokker. In 1995 kwam de stichting Hoorense Schouw in het bezit van de schouw HN1 (bouwjaar 1916), die eerder toebehoorde aan de Hoornse vissersfamilie Blokker. De HN1 werd ons geschonken door een latere eigenaar, onder voorwaarde dat we het schip zouden restaureren. Het verkeerde in slechte staat en werd bij 'de Zagerij' volledig 'gestript' voordat het in 1996 over de weg naar Scheepswerf Stofberg in Enkhuizen werd vervoerd. In Engeland moesten speciale klinknagels worden besteld om de schouw zijn authentieke uiterlijk terug te geven. Alles bij elkaar nam de restauratie vier jaar in beslag.

De Jouster sluis is een sluis in de buurt van Joure, tussen Alde Wei (Oudeweg) en Jouster Sylroede (Zijlroede). De Jouster sluis is al jarenlang een schutsluis, maar is waarschijnlijk ooit een spuisluis geweest, gelet op de oorspronkelijke betekenis van de naam Zijlroede: vaart achter een spuisluis. De sluis van het Wetterskip Fryslân staat meestal open. Alleen bij noord- tot zuidwesterstorm worden de sluisdeuren gesloten om te voorkomen, dat het boezemwater te hoog wordt opgestuwd in onder meer de Zijlroede, De Kolk, de Scheensloot en de Jonkersloot. De polderdijken en kades om die vaarten zouden anders kunnen beschadigen en in extreme gevallen kunnen bezwijken.

Hier woonde in het verleden de sluiswachter.

27 augustus - Op het eiland Rengerspole in de Princenhof waar wij lagen, lande een aantal ooievaars, de schrik sloeg ons om het hart.

Dit vaart er ook rond in het mooie Friesland, een keet met twee drijvers en een buitenboortmotor er aan. Het enige mooie aan het geheel was dat hij twee sputpalen had.

Op het Margriet kanaal kwamen wij deze luie eenden tegen. Ze hadden zeker last van de golfslag van de scheepvaart!

22 september - Weer een paar dagen aan het varen, liggen in Leeuwarden. In 1648 werd er op deze plaats een park/lusthof aangelegd in opdracht van prins Willem Frederik van Nassau. Een eerbetoon aan het eind van de 80-jarige oorlog en de vrede van Münster. Dit gedeelte van de stad zou nog zo’n 150 jaar afgesloten blijven voor het publiek. In opdracht van Koning Willem l werd het park openbaar. Hij schonk De Prinsentuin aan de Leeuwarder bevolking. Het park werd meerdere malen verbouwd, in 1734 in Le Nôtrestijl totdat het in 1795 vrij toegankelijk werd. Rond 1822 werd de tuin weer verbouwd door Lucas Pieters Roodbaard. Na weer een aantal verbouwingen werd de tuin in 2004 weer grotendeels hersteld in de stijl zoals Roodbaard deze destijds had laten aanleggen. Ook werden er toen accommodaties gebouwd ten behoeve van de stadsjachthaven.

Het schip is van papier mâché gemaakt, is twee jaar geleden onder grote belangstelling in Leeuwarden te water is gelaten, gaat naar Vlieland. Bedenker Marten Winters. Heeft twee jaar op de wal gestaan in Leeuwarden en ligt nu voor de tweede keer in het water.

De waag waar in 1483 over gesproken wordt, heeft waarschijnlijk even ten oosten van het huidige gebouw gestaan. De waag die vandaag de dag op het Waagplein staat, is omstreeks 1590 gebouwd. In die tijd was het verplicht voor een marktkoopman zijn goederen te laten wegen op de waag. Deze verplichting gold vooral voor (groot)handelaren in vlees en zuivel.

Dit soort grote zwammen groeien in de Prinsentuin.

De Bonkevaart (officieel, Fries: De Bonke) is een vaart aan de noordoostkant van Leeuwarden in de Nederlandse provincie Friesland. Het water is beroemd vanwege de aankomst van de Elfstedentocht, die hier plaats vindt. De Bonkevaart loopt net ten noorden van de Groningerstraatweg. Zij verbindt het Ouddeel (Alddeel) met de Dokkumer Ee (Dokkumer Ie) bij Snakkerburen (Snakkerbuorren). Op oude kaarten zoals de Veldminuut uit 1854 staat "De Bonken" vermeld.

De tocht door de Bonkevaart moest met de stuurhut naar beneden, met een doorvaart hoogte van 2.50 m kan je aan de Noord en Oostkant om Leeuwarden heen.

22 oktober - Bij binnen komst van Blokzijl zie je een beeld van een rietsnijder in de tuin staan.

Ook deze tufsteker staat in Blokzijl.

Blokzijl (Nedersaksisch: Blokziel) is een plaats in de Kop van Overijssel. Tot 1973 was het een zelfstandige gemeente. Blokzijl ligt tussen Emmeloord en Steenwijk. De plaats dankt zijn naam aan een versterkte sluis, de Blokzijl (zijl = sluis). Blokzijl telt zo'n 1300 inwoners. In Blokzijl ligt een oude zeesluis die al in de 16e eeuw de monding vormde van de Steenwijker Aa. Vooral de turf, die in het achterland gewonnen werd, zorgde voor veel bedrijvigheid. Johan de Ligny, Graaf van Aremberg, Stadhouder van Friesland, Groningen, Drenthe en Overijssel, mag genoemd worden als grote stimulator van deze omgeving. Hij liet de toegangsvaarten verbeteren en een havenkom aanleggen ten behoeve van de handel. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd de plaats door Diederich van Sonoy in 1581 versterkt, om zo aan de oostzijde van de Zuiderzee een steunpunt voor de Staatse vloot en een uitvalsbasis voor de troepen tegen de Spanjaarden te krijgen. De naam Blokzijl, ofwel versterkte sluis, is toen ontstaan.

Fiets pontje bij de Beulakerwijde, het seizoen is afgelopen er waren geen fietsers.

Varen hier de schutsluis in geschut naar buiten toe, maar de sluismeester merkte op dat de keersluis van de Kadoelen gestremd was, en daar moeten wij ook door. Gelijk weer terug geschut en naar de Beukersluis richting Zwartsluis.

Dit was de eerste keer in de sluis en 10 min later lagen wij er weer in.

Zwartsluis (Nedersaksisch: De Sluus) is een Nederlands dorp en havenplaats in de gemeente Zwartewaterland, Overijssel, gelegen op de plek waar het Zwarte Water en het Meppelerdiep samenkomen. In 1398 werd de haven Swarte Sluys voor het eerst genoemd. Zwartsluis is doorvoerhaven geweest voor turf uit Drenthe richting Holland. Tegenwoordig wordt de haven vooral gebruikt door recreanten en vindt men er werkgelegenheid in de scheepsbouw.

Hier aan de kade vlak voor de oude schutsluis van Zwartsluis.

23 oktober - Varen nu in het Ganzediep, naast de geul staat helemaal geen water.

Het riet groeit op 10 meter naast de vaargeul.

De boerderijen zijn in het Kamperland op terpen gebouwd, het Kamperland liep in het verleden regelmatig onderwater. Het IJsselmeer was toen nog Zuiderzee. In het nationale landschap bevinden zich kreekruggen, rivierduinen, kolken, terpen en eilanden (zandplaten). Ook liggen er verschillende weteringen en lopen de riviertjes Ganzendiep en de Goot door het gebied. Het gebied wordt in het westen begrensd door de IJssel, in het oosten door het Zwarte Water, in het noorden door het Zwarte Meer en de Ramsgeul en in het zuiden door de stad Zwolle. De historische binnenstad van Kampen ligt in het nationaal landschap. De Mastenbroekerpolder is een van de oudste droogleggingen van Nederland en stamt al uit de 14e eeuw. Ook staat de oudste Nederlandse stenen zeewering in dit gebied, genaamd de Stenen Dijk. Op Kampereiland bevinden zich een aantal karakteristieke en in Nederland unieke Kampereilandse terpboerderijen (Lage Hallenhuistype boerderijen, met karakteristieke hooibergen). In de Mastenbroekerpolder staan eveneens terpboerderijen, maar deze zijn van een ander type dan die op Kampereiland.

Buiswater op het Randmeer richting Hardewijk. Omvaren is geen optie, recht zo die gaat.

23 oktober aan gekomen in Harderwijk. De Vischpoort, gebouwd eind 14e eeuw, is de enig overgebleven stadspoort aan de waterkant in Harderwijk. Door deze poort werd vis van en naar de boten gebracht. De grote boten die de vis vervoerden konden vanwege ondiepte niet tot de kust komen. De vis werd daarom overgeladen op kleinere boten. Deze bootjes voeren dus de hele dag heen en weer. Daarnaast had de poort ook een beschermende functie tegen vijanden en tegen het water. Als het water te hoog kwam, kon hij gesloten worden. De huizen aan de Vischmarkt zijn ook wat hoger gebouwd en of hebben een vloedkamer, voor het geval dat de poort te laat gesloten werd. Naast de poort loopt de stadsmuur en staan wat huisjes. Bovenop de Vischpoort is in de 18e eeuw de vuurtoren gebouwd. Na de afsluiting van de Zuiderzee verloor deze zijn betekenis, zodat hij in 1947 werd gesloten. Tegenwoordig gaat het licht alleen aan bij speciale gelegenheden.

De stadsmuur aan de zeezijde.

Ook in Harderwijk hebben ze een historiche haven met botters.

De historische werf van Harderwijk de"Helling".

Dit beeld staat in het randmeer bij Harderwijk.

24 oktober - Aangekomen in Huizen we kijken op de historische haven en oude Kalkovens.

Het dorp Huizen is bekend als voormalig vissersdorp, hoewel pas aan het eind van de 17e eeuw de visserij één van de hoofdmiddelen van het bestaan werd. Daarvoor waren vooral landbouw en huisnijverheid belangrijke levensbronnen. Hoewel het gemeentewapen van Huizen, een melkmeisje, verwijst naar veeteelt, was er geen sprake van grootschalige veeteelt. De arme zandgronden van het Gooi hadden veel bemesting nodig en vooral de uitwerpselen van het vee, koeien en schapen, werden als mest gebruikt. Er was gemeenschappelijk gebruik van heiden en weiden, de zogenaamde "meent" gronden. Huizen kreeg in de 14e eeuw zijn naam, omdat het - zoals de overlevering wil - het eerste dorp was in het Gooi dat stenen huizen had.

25 oktober - Door de Zaan varend kom je deze Adelaar tegen boven op een fabriek.

17 november - De Sint is weer in het land, en heeft ons gevraagd om hem in de haven van Avenhorn te brengen.

Ze zijn er klaar voor om aan het werk te gaan.

Zondag 24 november - Zouden Sinterklaas naar Oudendijk brengen, kregen wij een terras parasol in de schroef. Duiker Jan heeft het verwijderd.

Dit was de buit een kompleet parasoldoek. Half uur werk gehad om het te verwijderen.

Buiten het doek wat er in zat, heb ik dit de zondag zelf uit de schroef gehaald.

27 november - Aangekomen in Hoorn voor de winterperiode 2013 / 2014

Het onderhoud gaat gewoon door, hier breng ik de mast naar Simon toe, hij zal hem lakken voor ons.

Hier ligt een gezonken schip is met een storm losgeslagen en op de stenen geslagen.

Dit schip staat ook op de nominatie om op het steiger stuk te slaan de schipper is weg en de havendienst wil hem niet weghalen.

Het vrouwtje van Hoorn dit kunstwerk staat op de landtong de Haai.

Zal dit de nieuwe antene worden voor de wifi aansluitingen in de haven?

We zijn de motor aan het slopen voor een kleine revisie.

Hier staan de cilindervoering en kop met zuigers van onze Gardner. De motor verbruikte te veel olie en starte slecht. Met alleen nieuwe zuigerveren en het slijpen van de kleppen gaat de Gardner weer een nieuw leven te gemoet.

De avond valt over de haven.

15 december 2013 - De schepen aan het Baatland zijn weer verlicht voor de komende kerstdagen.

Het ligt er weer mooi bij.

Copyright 2026 © NovaVita.nl | Alle rechten voorbehouden
Realisatie, hosting & beheer: DigiReus
  • Home
  • De Historie
    • Kromhout Motoren
    • Bouw van het schip
    • Inbouw van de motor
    • De Terwaterlating
    • De eerste tocht
    • Hefbare stuurhut
  • Nieuws & Fotoverslagen
  • -